Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant trad op 21 juli 2009 in dienst bij een BV en viel kort daarna uit wegens lichamelijke en psychische klachten. Het UWV stelde bij besluit van 20 juli 2011 vast dat appellant geen recht had op een WIA-uitkering, met een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. De rechtbank vernietigde dit besluit maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de juiste maatmanfunctie werd gehanteerd.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het UWV zijn beperkingen onderschatte en overlegde een rapport van Argonaut uit 2013. De Centrale Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, waarbij de verzekeringsarts bezwaar en beroep het dossier bestudeerde, een hoorzitting bijwoonde en relevante medische informatie betrok. Het rapport van Argonaut bood geen aanleiding tot een ander oordeel, mede vanwege de chronologische medische gegevens over de longaandoening.
De Raad bevestigde dat appellant medisch in staat is de werkzaamheden te verrichten die bij de geduide functies horen en dat het arbeidsongeschiktheidspercentage onder de 35% blijft. Het hoger beroep slaagde niet, de aangevallen uitspraak werd bevestigd en het verzoek tot schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd dat appellant medisch in staat is de geduide functies te verrichten met een arbeidsongeschiktheid onder 35%.