ECLI:NL:CRVB:2015:1479
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verhoging WAO-uitkering na voldoende medisch onderzoek
Appellante is sinds 2000 arbeidsongeschikt wegens psychische klachten en ontvangt sinds 2001 een WAO-uitkering. Na een melding van verslechtering in 2011 weigerde het UWV de WAO-uitkering te verhogen, wat leidde tot bezwaar en beroep. De rechtbank stelde aanvankelijk dat het medisch onderzoek niet volledig was omdat informatie van behandelend psychologen ontbrak. Het UWV heeft daarop aanvullende rapporten overgelegd en de ontbrekende informatie betrokken in de beoordeling.
De rechtbank oordeelde dat het gebrek was hersteld en verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep betoogde appellante dat het medisch onderzoek nog steeds onvoldoende was, onder meer omdat niet alle relevante artsen waren geraadpleegd en beperkingen niet juist waren opgenomen in de Functionele Mogelijkhedenlijst.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het UWV voldoende onderzoek heeft gedaan en dat de medische beoordeling terecht is. Er is geen grond voor benoeming van een deskundige, en de fysieke klachten zijn niet objectief vastgesteld. Ook het GGD-advies en andere medische stukken bieden geen aanleiding tot andere conclusies. De functies waarop de beoordeling is gebaseerd zijn medisch geschikt voor appellante. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV voldoende medisch onderzoek heeft verricht en wijst het hoger beroep af.