ECLI:NL:CRVB:2015:1977
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar tegen herzieningsbesluit arbeidsongeschiktheidsuitkering
Appellant maakte bezwaar tegen een herzieningsbesluit van het UWV waarin zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering werd aangepast van 35 naar 45%. Het bezwaar werd door het UWV niet-ontvankelijk verklaard omdat niet overtuigend was aangetoond dat het besluit later was ontvangen dan de datum van bekendmaking.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat artikel 33 van Pro het Administratief Akkoord, dat betrekking heeft op de kennisgeving van besluiten over ouderdoms- en overlijdensuitkeringen, niet van toepassing is op arbeidsongeschiktheidsuitkeringen. In hoger beroep werd dit standpunt bevestigd.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het Verdrag en het Administratief Akkoord geen specifieke bepalingen bevatten over de berekening van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, en dat de wettelijke regeling van het land van verblijf bepalend is. Daarom is artikel 33 van Pro het Administratief Akkoord niet van toepassing op de kennisgeving van het herzieningsbesluit van 28 november 2012. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen het herzieningsbesluit arbeidsongeschiktheidsuitkering.