ECLI:NL:CRVB:2015:2848
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bijzondere bijstand voor woninginrichting wegens ontbreken noodzaak verhuizing
Appellant, die in 2011 vanuit Aruba naar Nederland kwam en sinds januari 2012 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor woninginrichting na een verhuizing in september 2012. Het bestuur wees de aanvraag af omdat geen sprake was van bijzondere omstandigheden die de kosten noodzakelijk maakten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat de woonsituatie bij zijn zus zodanig onhoudbaar was dat een verhuizing noodzakelijk was. De verklaring van de zus dat appellant niet langer kon blijven vanwege privacy van haar dochter, werd onvoldoende geacht om de noodzaak te onderbouwen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de verhuizing noodzakelijk was vanwege hoge kosten van inwoning en dat de rapporteur onjuist had genoteerd dat hij langer had kunnen blijven. De Raad oordeelde dat de noodzaak niet aannemelijk was gemaakt, mede omdat appellant geen objectieve gegevens over de financiële situatie en hoge inwoningkosten had overlegd.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijzondere bijstand wegens het ontbreken van een noodzaak tot verhuizing.