ECLI:NL:CRVB:2015:3818
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering toestemming voortzetting zelfstandige activiteiten met behoud van bijstand
Appellant is sinds 1989 actief met zijn bedrijf waarin hij grafische ontwerpen maakt en cursussen geeft. Hij ontvangt sinds 2004 bijstand op grond van de WWB en moet voldoen aan arbeidsverplichtingen. Het college van burgemeester en wethouders van Groningen stelde in 2011 beleid vast over marginale zelfstandigen.
In 2012 weigerde het college toestemming aan appellant om zijn zelfstandige activiteiten voort te zetten met behoud van bijstand, omdat zijn activiteiten niet van geringe omvang zijn en zijn beschikbaarheid voor reguliere arbeid belemmeren. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij wel als marginaal zelfstandige moet worden aangemerkt en dat zijn activiteiten zijn beschikbaarheid niet belemmeren. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zijn activiteiten van geringe omvang zijn, mede omdat hij geen volledige boekhouding overlegd heeft en zijn eigen verklaringen tegenstrijdig zijn.
De Raad bevestigde daarom het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Toestemming voor voortzetting zelfstandige activiteiten met behoud van bijstand wordt geweigerd.