ECLI:NL:CRVB:2015:4055
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WGA-vervolguitkering met arbeidsongeschiktheid 55-65%
Appellante, laatstelijk werkzaam als bedrijfsleidster, meldde zich ziek vanwege psychische, rug- en darmklachten. Het UWV stelde een loongerelateerde WGA-uitkering vast met een arbeidsongeschiktheid van 58,28% en later een WGA-vervolguitkering tussen 55 en 65%. Appellante maakte bezwaar tegen de mate van arbeidsongeschiktheid, stellende dat haar beperkingen werden onderschat.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De verzekeringsartsen hebben de beperkingen zorgvuldig en overtuigend gemotiveerd, rekening houdend met psychische klachten, rugklachten, darmklachten en slaapproblemen. Het in hoger beroep overgelegde rapport van PsyQ leidde niet tot een andere beoordeling.
De Raad oordeelt dat appellante met de vastgestelde beperkingen in staat is de voorbeeldfuncties te verrichten die ten grondslag liggen aan de uitkering. De stellingen van appellante zijn onvoldoende onderbouwd met objectieve medische gegevens. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de uitspraak van de rechtbank gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de toekenning van de WGA-vervolguitkering met een arbeidsongeschiktheid van 55-65% wordt bevestigd.