Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellante ter hoogte van € 1.960,-;
- bepaalt dat het Uwv het door appellante in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht
Centrale Raad van Beroep
Appellante diende een herhaalde aanvraag in voor een uitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW), nadat een eerdere aanvraag in 1994 was afgewezen wegens het ontbreken van ingezetenschap in Nederland op het moment van arbeidsongeschiktheid.
De Centrale Raad van Beroep volgde de rechtbank in het oordeel dat de aangevoerde medische gegevens geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bevatten zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De medische complicaties die pas in 2012 bekend werden, hadden eerder opgevraagd kunnen worden en kunnen appellante niet worden toegerekend.
Voor zover de aanvraag betrekking had op toekomstige aanspraken, concludeerde de Raad dat er geen aanleiding was voor nader onderzoek door het UWV. Hoewel het bestreden besluit onvoldoende was gemotiveerd, werd de schending van de motiveringsplicht gepasseerd omdat appellante niet werd benadeeld.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Hoger beroep afgewezen; aanvraag AAW-uitkering blijft geweigerd.