ECLI:NL:CRVB:2015:466
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag en schorsing wegens ernstig plichtsverzuim bij onjuist invullen belastingaangiften
Appellant was werkzaam als ambtenaar en werd verdacht van ernstig plichtsverzuim vanwege het onjuist invullen van aangiftebiljetten inkomstenbelasting van een bekende, zonder dit te melden aan het bevoegd gezag. Dit leidde tot een onderzoek en het voorstel tot onvoorwaardelijk ontslag.
De staatssecretaris ontzegde appellant de toegang tot dienstgebouwen en schorste hem met inhouding van een derde van zijn bezoldiging. Appellant maakte bezwaar tegen deze maatregelen, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de staatssecretaris bevoegd was tot deze maatregelen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat er onvoldoende feitelijke grondslag was voor de ontzegging, schorsing en inhouding van bezoldiging. De Centrale Raad van Beroep verwierp deze gronden en oordeelde dat de staatssecretaris in redelijkheid tot zijn besluiten kon komen gezien de ernst van het plichtsverzuim en de financiële gevolgen voor de staat.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag, de schorsing en de inhouding van bezoldiging wegens ernstig plichtsverzuim.