ECLI:NL:CRVB:2015:773
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig monteur Telecom, meldde zich arbeidsongeschikt met psychische klachten. Het UWV stelde vast dat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt was en weigerde een WIA-uitkering. Zowel de rechtbank als de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de beperkingen correct in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) waren weergegeven.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn psychische beperkingen werden onderschat en verwees naar medische verklaringen van zijn behandelaars. De Raad concludeerde echter dat deze informatie geen aanleiding gaf het eerdere oordeel te wijzigen, omdat de medische situatie op de datum in geding reeds was betrokken bij de beoordeling.
Daarnaast werd geoordeeld dat de arbeidskundige onderbouwing juist was en dat appellant de geselecteerde functies kon vervullen. De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen schadevergoeding toegekend en geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit van het UWV tot weigering van een WIA-uitkering bevestigd.