ECLI:NL:CRVB:2016:1447
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M.T. Boerlage
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- Rechtspraak.nl
Vergoeding wettelijke rente over outplacementvergoeding na onrechtmatige weigering college
Appellante was werkzaam als ambtenaar en kreeg ontslag wegens ongeschiktheid, waarbij een outplacementvergoeding van € 3.500,- was toegekend. Het college weigerde aanvankelijk deze vergoeding inclusief wettelijke rente rechtstreeks aan appellante uit te betalen, wat leidde tot bezwaar en beroep.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het college nam later een nader besluit om het bedrag alsnog rechtstreeks uit te betalen, zonder de wettelijke rente te vergoeden. Appellante maakte bezwaar tegen het ontbreken van rentevergoeding.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het college onrechtmatig heeft geweigerd wettelijke rente te vergoeden vanaf het moment dat het in verzuim was, namelijk vanaf 23 oktober 2013. De Raad vernietigt het bestreden besluit en het nader besluit voor zover de rente niet is vergoed en bepaalt dat het college de wettelijke rente over het bedrag van € 3.500,- moet betalen, evenals het betaalde griffierecht.
De Raad wijst het verzoek om rente vanaf 1 januari 2008 af, omdat de vergoeding pas verschuldigd werd bij directe betaling aan appellante. Verder oordeelt de Raad dat de motivering van het nader besluit niet diffamerend is en dat geen proceskosten worden toegekend.
Uitkomst: Het college moet wettelijke rente vergoeden over de outplacementvergoeding vanaf 23 oktober 2013 tot betaling.