Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2016:2451

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
29 juni 2016
Publicatiedatum
29 juni 2016
Zaaknummer
14-4716 BBZ-V
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55, zevende lid, AwbArt. 8:108, eerste lid, Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond wegens onregelmatigheden bij griffierechtbetaling in hoger beroep BBZ

Appellanten hadden hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Gelderland inzake de BBZ. De Raad van 24 maart 2015 had dit hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald. Appellanten deden daarop verzet.

In het verzet bleek dat er onregelmatigheden waren geweest bij de betaling van het griffierecht. Daarom gaf de Raad appellanten opnieuw de mogelijkheid om het griffierecht te voldoen, waarvan zij tijdig gebruik maakten.

De Raad verklaarde het verzet gegrond, waardoor de eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er zijn geen proceskosten aan appellanten in verzet toegekend.

Uitkomst: Het verzet is gegrond verklaard en het hoger beroep wordt voortgezet.

Uitspraak

14/4716 BBZ-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van
8 juli 2014, 13/7755
Partijen:
[appellant] en [appellante] te [woonplaats] (appellanten)
het college van burgemeester en wethouders van Bronkhorst
Datum uitspraak: 29 juni 2016

PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht van 24 maart 2015 heeft de Raad het door appellanten ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak ongegrond verklaard.
Appellanten hebben verzet gedaan.

OVERWEGINGEN

Bij de uitspraak van 24 maart 2015 heeft de Raad het hoger beroep van appellanten
niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat het griffierecht niet is betaald.
In verzet is gebleken dat sprake is geweest van onregelmatigheden. Daarom heeft de Raad appellanten opnieuw in de gelegenheid het griffierecht te betalen. Van die gelegenheid hebben zij - tijdig - gebruikgemaakt.
Het verzet is gegrond.
Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van 24 maart 2015 vervalt en dat het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Van proceskosten van appellanten in verzet is niet gebleken.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door H.C.P. Venema, in tegenwoordigheid van
D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op
29 juni 2016.
(getekend) H.C.P. Venema
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven

UM