Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene, een Eritrese vreemdeling zonder aanspraak op voorzieningen op grond van de Vreemdelingenwet, kreeg tijdelijke opvang in de Vluchthaven voor zes maanden. Na afloop van deze periode ontving hij een brief van het college waarin de beëindiging van de opvang werd medegedeeld en werd voorgesteld de aanvraag tot continuering als een Wmo-aanvraag te behandelen.
Betrokkene maakte bezwaar tegen deze brief, maar het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, Awb bevatte. De rechtbank oordeelde anders en vernietigde het besluit, maar het college stelde hoger beroep in.
De Raad oordeelde dat de brief slechts een informatieve mededeling was, aangezien bij aanvang van de opvang de einddatum al vaststond. De brief was niet gericht op een zelfstandig rechtsgevolg en daarom geen besluit waartegen bezwaar kon worden gemaakt. Het hoger beroep van het college werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de brief van het college is terecht niet-ontvankelijk verklaard omdat de brief geen besluit in de zin van de Awb is.