ECLI:NL:CRVB:2016:2630
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Rectificatie uitspraak proceskosten hoger beroep UWV
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep vastgesteld dat in de eerdere uitspraak van 25 maart 2016 ten onrechte een dubbele proceskostenveroordeling is uitgesproken voor zowel de kosten in eerste aanleg als in hoger beroep. De rechtbank had reeds een proceskostenveroordeling in eerste aanleg uitgesproken, waardoor de Raad slechts de kosten van het hoger beroep hoefde te beoordelen.
Na overleg met partijen, waarbij het UWV geen bezwaar maakte tegen rectificatie en appellante niet reageerde, heeft de Raad besloten de uitspraak aan te passen. De Raad veroordeelt het UWV in de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met de behandeling van het hoger beroep.
De proceskosten worden begroot op € 992,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De rectificatie houdt in dat het UWV deze kosten aan appellante moet vergoeden. De uitspraak is gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 13 juli 2016, waarbij de voorzitter verhinderd was de uitspraak te tekenen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante in hoger beroep van € 992,-.