Uitspraak
4 november 2015, 14/8282 (aangevallen uitspraak)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante was werkzaam als personal assistant en meldde zich ziek wegens psychische klachten. Het UWV beëindigde haar Ziektewet-uitkering op grond van een medisch oordeel dat zij geschikt was om haar arbeid te verrichten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond omdat zij onvoldoende medische onderbouwing leverde dat haar beperkingen waren onderschat.
In hoger beroep stelt appellante dat haar psychische klachten zijn miskend en dat zij niet in staat is haar arbeid te verrichten. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV en de rechtbank zorgvuldig en gemotiveerd hebben vastgesteld dat appellante geschikt is. Het feit dat zij later opnieuw een uitkering ontving, leidt niet tot een ander oordeel over de situatie per 27 oktober 2014.
De Raad wijst het verzoek om een onafhankelijke expertise af wegens gebrek aan nieuwe medische informatie. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de Ziektewet-uitkering bevestigd.