Uitspraak
mr. A. Marijnissen.
OVERWEGINGEN
1 oktober 2012 is aangevraagd. Niet aannemelijk is dat appellant zich eerder dan 1 oktober 2012 bij de Svb heeft gemeld om een AOW-pensioen aan te vragen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de Svb appellant niet hoeven aan te merken als een bijzonder geval. De Svb kan niet worden tegengeworpen dat hij appellant niet heeft benaderd vóór zijn vijfenzestigste verjaardag. Appellant was onzichtbaar voor de instanties omdat hij geen postadres heeft laten registreren. Niet aannemelijk is dat appellant het pensioen niet eerder heeft kunnen aanvragen. De stelling dat de Svb de aanvraag niet in behandeling heeft willen nemen wegens het ontbreken van een burgerservicenummer (BSN) is niet aannemelijk. Daarbij is overwogen dat appellant in 1997 al over een sofinummer beschikte.