ECLI:NL:CRVB:2016:348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.H. Bangma
- M.T. Boerlage
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op gelijkheidsbeginsel bij benoeming zonder afgeronde HBO-opleiding
Appellant is geplaatst in groepsfunctie F onder de voorwaarde een HBO-opleiding te volgen, conform beleidsregels van de werkgever. Twee collega’s, K en V, werden zonder afgeronde HBO-opleiding benoemd vanwege bijzondere omstandigheden zoals langdurige ervaring en excellent functioneren.
Appellant voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel geschonden werd en dat hij vrijstelling van de opleidingseis had moeten krijgen. De Raad oordeelde dat de afwijking voor K en V bewust en gemotiveerd was en kwalificeerde als bijzondere omstandigheden onder artikel 4:84 Awb Pro.
Aangezien appellant deze bijzondere omstandigheden niet kon aantonen, kon zijn beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slagen. Ook de stelling dat het voor appellant redelijkerwijs onmogelijk was de opleiding te voltooien, werd niet als bijzondere omstandigheid erkend.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de eerdere uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het beroep van appellant op het gelijkheidsbeginsel en vrijstelling van de opleidingseis wordt afgewezen en het bestreden besluit bevestigd.