Uitspraak
OVERWEGINGEN
.Bij besluit van 22 april 2014 (bestreden besluit) is het tegen deze verplichting en intrekking gemaakte bezwaar van appellant ongegrond verklaard.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant, gedeeltelijk arbeidsongeschikt en houder van een WIA-uitkering, was aanvankelijk vrijgesteld van de sollicitatieplicht. Na een herbeoordeling heeft het UWV de arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 65,93% en de vrijstelling ingetrokken, waarbij appellant verplicht werd viermaal per vier weken te solliciteren.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat appellant niet voldeed aan de vrijstellingscriteria en in staat was passend werk te verrichten. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn psychische beperkingen en persoonlijke omstandigheden onvoldoende werden meegewogen, en dat de sollicitatieplicht zijn gezondheid verslechterde.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant zijn stellingen niet met medische gegevens heeft onderbouwd en bevestigt dat het UWV rekening heeft gehouden met zijn functionele mogelijkheden. Hoewel het UWV een individuele afweging moet maken, is in dit geval geen reden gevonden om het aantal sollicitaties te verlagen.
Daarom wordt het hoger beroep verworpen en de intrekking van de vrijstelling gehandhaafd. De uitspraak van de rechtbank Limburg wordt bevestigd met gedeeltelijke verbetering van de gronden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de vrijstelling van de sollicitatieplicht en verplicht appellant viermaal per vier weken te solliciteren.