ECLI:NL:CRVB:2016:439
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering na zorgvuldig verzekeringsgeneeskundig onderzoek
Appellant, laatst werkzaam als machine-operator, viel uit wegens been- en psychische klachten. Het UWV stelde vast dat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt was en weigerde een WIA-uitkering. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek onzorgvuldig was en dat zijn beperkingen werden onderschat, met medische rapporten ter onderbouwing.
De Raad oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij zowel lichamelijke als psychische beperkingen adequaat waren vastgesteld en gemotiveerd. De medische informatie van behandelaars bood geen aanleiding tot twijfel aan de conclusies van de verzekeringsartsen. Ook de arbeidsdeskundige concludeerde dat appellant geschikt was voor de geselecteerde functies en dat het opleidingsniveau correct was vastgesteld.
De Raad verwierp het verzoek tot benoeming van een revalidatiearts en bevestigde de eerdere uitspraak. Er was geen aanleiding om de beperkingen of de belastbaarheid van appellant anders te beoordelen. De weigering van de WIA-uitkering bleef daarmee in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.