ECLI:NL:CRVB:2016:4790
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel verlaging bijstand wegens niet gebruik arbeidsinschakelingsvoorziening
Appellante ontvangt bijstand en kreeg werkzaamheden aangeboden bij een tuinbouwbedrijf, waarbij vervoer per auto werd geregeld. Op 6 en 26 januari 2015 is appellante niet op komen dagen en heeft zij geweigerd in te stappen in de auto van een onbekende man die haar naar het werk zou brengen.
Het college heeft daarop de bijstand met 100% verlaagd voor een maand, omdat appellante niet heeft meegewerkt aan de arbeidsinschakelingsvoorziening. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit in hoger beroep.
De Raad overweegt dat appellante niet heeft onderzocht hoe zij anders bij het werk kon komen en dat zij op de hoogte was van mogelijke maatregelen bij niet meewerken. De maatregel is daarom terecht opgelegd. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De maatregel van verlaging van de bijstand met 100% gedurende één maand wordt bevestigd wegens het niet gebruiken van de arbeidsinschakelingsvoorziening.