Uitspraak
2 november 2015, 15/5347 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
16 juni 2015 ten grondslag.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was werkzaam tot 5 september 2014 en meldde zich op 19 november 2014 ziek wegens psychische klachten. Het UWV weigerde een Ziektewetuitkering omdat appellant op de ziekmeldingsdatum niet meer verzekerd was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij vóór het einde van de verzekering arbeidsongeschikt was.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat hij al vóór het einde van zijn dienstverband arbeidsongeschikt was en zich wegens angst niet eerder kon ziekmelden. De Raad oordeelde dat appellant vanaf 6 september 2014 geen dienstverband meer had en dus vanaf dat moment zonder reden zijn ziekmelding had kunnen doen.
De Raad concludeerde dat appellant geen nieuwe medische informatie had ingebracht die tot een andere conclusie zou leiden en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd verworpen en de beslissing van het UWV gehandhaafd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt verworpen en weigering Ziektewetuitkering bevestigd.