ECLI:NL:CRVB:2016:557
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- P. Vrolijk
- L. Koper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning loongerelateerde WGA-uitkering ondanks gewijzigde medische grondslag
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen het besluit van het UWV tot toekenning van een loongerelateerde WGA-uitkering. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege wijziging van de medische en arbeidskundige grondslag, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat de mate van arbeidsongeschiktheid onveranderd bleef.
Appellante stelde dat het UWV onzorgvuldig onderzoek had verricht en haar beperkingen had onderschat, met name haar psychische problemen. Zij overlegde aanvullende medische rapporten van haar psychiater, huisarts en orthopedisch chirurg. Het UWV verwees naar eigen verzekeringsartsrapporten ter onderbouwing.
De Raad oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen juist waren vastgesteld in de Functionele Mogelijkhedenlijst van 2 juli 2013. De aanvullende medische informatie van appellante bracht geen twijfel aan de juistheid van deze beperkingen. Ook de geschiktheid van de geselecteerde functies werd bevestigd.
Omdat niet voldaan was aan de voorwaarde van volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid voor een IVA-uitkering, bleef de WGA-uitkering van toepassing. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en wees proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de rechtbankuitspraak en handhaaft de loongerelateerde WGA-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 35 tot 80%.