ECLI:NL:CRVB:2017:1732
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Geen bezwaar mogelijk tegen weigering voorschot WWB en buiten behandelingstelling aanvraag
Appellant diende op 27 februari 2014 een aanvraag in voor bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verzocht appellant meerdere malen om aanvullende gegevens, waaronder specificaties van inkomsten uit verhuur van woningen. Appellant leverde niet alle gevraagde gegevens tijdig aan, waarop het college het verzoek om een broodnood-voorschot afwees en de aanvraag buiten behandeling stelde.
Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar het college verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Rotterdam bevestigde dit oordeel. In hoger beroep stelde appellant zich op het standpunt dat het college ten onrechte het bezwaar en beroep tegen het voorschotbesluit niet ontvankelijk had verklaard.
De Raad oordeelt dat bezwaar en beroep tegen besluiten omtrent het voorschot op grond van artikel 52 WWB Pro niet mogelijk zijn. Daarom vernietigt de Raad het deel van het bestreden besluit dat het voorschot betreft en verklaart het bezwaar tegen het voorschotbesluit niet-ontvankelijk. De buiten behandelingstelling van de aanvraag wegens het niet tijdig aanleveren van noodzakelijke gegevens is rechtmatig en wordt bevestigd. Het college wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het voorschotbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard en de buiten behandelingstelling van de aanvraag wordt bevestigd.