ECLI:NL:CRVB:2017:2824
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toekenning aanvullende beurs en informatieverstrekking studiefinanciering
Appellante vroeg in september 2014 studiefinanciering aan en beperkte haar aanvraag tot de basisbeurs. De minister kende deze toe vanaf oktober 2014. Pas in september 2015 vroeg appellante een aanvullende beurs aan, die met ingang van oktober 2015 werd toegekend.
Appellante stelde dat zij door onvolledige informatie op het aanvraagformulier onterecht geen aanvullende beurs had aangevraagd en verzocht om schadevergoeding. De minister wees dit verzoek af, met de uitleg dat op het formulier verwezen werd naar een website met volledige informatie.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat de minister terecht de aanvullende beurs pas vanaf oktober 2015 toekende. De Raad bevestigt deze uitspraak en overweegt dat hoewel de toelichting op het formulier niet compleet was, dit niet leidt tot een verplichting voor de minister om alsnog met terugwerkende kracht een aanvullende beurs toe te kennen. De hardheidsclausule is niet van toepassing en het verzoek om schadevergoeding wordt niet behandeld in deze procedure.
Uitkomst: De minister heeft terecht pas vanaf oktober 2015 een aanvullende beurs toegekend; het hoger beroep wordt afgewezen.