ECLI:NL:CRVB:2017:2853
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schuldig nalatig verklaring en AOW-korting na bezwaarprocedure
Appellant ontving sinds augustus 2008 een AOW-pensioen. In 2014 werd hij door de Sociale verzekeringsbank (Svb) schuldig nalatig verklaard over het jaar 2007, wat leidde tot een korting van 2% op zijn AOW-pensioen en terugvordering van onverschuldigde betalingen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze besluiten ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet schuldig nalatig was geweest, maar de Raad stelde vast dat het besluit tot schuldig nalatig verklaring formele rechtskracht heeft gekregen en dat dit besluit de basis vormt voor de korting.
De Raad oordeelde dat appellant zijn stelling niet in dit hoger beroep kan aanvoeren en verwees hem naar de mogelijkheid een verzoek tot herziening in te dienen bij de Svb. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.