ECLI:NL:CRVB:2017:3774
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken beroepsgronden bij afwijzing bijzondere bijstand
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor kosten van een aanslag inkomstenbelasting 2012, welke door het college van burgemeester en wethouders van Hengelo is afgewezen. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, maar het beroepschrift bevatte geen concrete beroepsgronden. De rechtbank gaf appellant de mogelijkheid om dit binnen vier weken te herstellen, wat niet is gebeurd.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van de vereiste beroepsgronden. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet in de gelegenheid was gesteld het verzuim te herstellen en dat de rechtbank geen herinneringsbrief had gestuurd. Tevens voerde hij inhoudelijke gronden aan voor toekenning van bijzondere bijstand.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank terecht het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard, omdat appellant wel degelijk gelegenheid heeft gehad het verzuim te herstellen. Het verzendoverzicht toont aan dat de brief met het verzoek tot aanvulling is verzonden. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en komt niet toe aan inhoudelijke beoordeling van de gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van beroepsgronden en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.