ECLI:NL:CRVB:2017:3795
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorziening medische behandeling en fysiotherapie wegens ontbreken verband met vervolging
Appellante, erkend als vervolgde in de zin van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv), verzocht om voorzieningen voor medische behandeling en medicijnen voor osteoporose en fysiotherapie. Verweerder weigerde deze voorzieningen omdat geen causaal verband met de vervolging kon worden vastgesteld.
De Raad overwoog dat het gewijzigde beleid sinds 1 maart 2015 strikte voorwaarden stelt voor het aannemen van een verband tussen osteoporose en vervolging, waaronder een onderduikperiode van minimaal zes maanden met gebrek aan beweging. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij als baby tijdens de onderduik aan deze voorwaarden voldeed.
Daarom is het bestreden besluit dat de voorzieningen weigert in stand gelaten en het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor voorzieningen wordt afgewezen wegens ontbreken van verband met de vervolging.