ECLI:NL:CRVB:2017:3932
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens te late indiening gronden WAO-uitkering
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV waarin werd geweigerd terug te komen op een eerdere beslissing dat hij geen recht had op een WAO-uitkering. Het bezwaar werd door het UWV niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant de gronden van het bezwaar niet binnen de bezwaartermijn had ingediend.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep voerde appellant medische inhoudelijke gronden aan, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het bezwaar niet-ontvankelijk was omdat de gronden te laat waren ingediend. Het UWV had appellant tijdig gewezen op het ontbreken van de gronden en een termijn gesteld om dit te herstellen, maar appellant diende de gronden pas na deze termijn in.
De Raad stelde vast dat de bezwaargronden te laat waren ingediend, zowel per fax als per post, en dat er geen verschoonbare omstandigheden waren voor de termijnoverschrijding. Daarom was het besluit van het UWV om het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren in redelijkheid genomen en werd de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar werd terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening van de bezwaargronden.