ECLI:NL:CRVB:2018:1076
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hogerberoepschrift werd niet tijdig ingediend. De Centrale Raad van Beroep verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk. Appellante deed hiertegen verzet en stelde dat de termijnoverschrijding slechts twee dagen bedroeg en verzocht om terugbetaling van het griffierecht.
De Raad oordeelde dat het hogerberoepschrift op 13 september 2017 werd ontvangen, terwijl de uiterste dag voor tijdige indiening 11 september 2017 was. Dit betekent dat het hogerberoepschrift te laat was ingediend. Er waren geen feiten of omstandigheden die het verzuim konden rechtvaardigen. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard.
De Raad zag ook geen reden om het betaalde griffierecht terug te storten, aangezien alleen de ontvankelijkheid aan de orde was en er geen aanleiding was om proceskosten toe te wijzen. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Venema in aanwezigheid van griffier Kuipers op 12 april 2018.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het griffierecht wordt niet terugbetaald.