Uitspraak
16.7530 PW
OVERWEGINGEN
Bij besluit van 23 oktober 2015 heeft de Svb de aanvraag afgewezen op de grond dat appellant meer vermogen heeft dan de voor hem geldende vermogensgrens.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontvangt sinds 2009 een ouderdomspensioen en aanvankelijk ook een AIO-aanvulling. In 2013 trok de Sociale Verzekeringsbank (Svb) de AIO-aanvulling in vanwege een woningbezit in Marokko dat het vermogen van appellant overschreed. Appellant diende in 2015 een nieuwe aanvraag in voor AIO-aanvulling, maar kon geen bewijs leveren van verkoop van de woning in Marokko, ondanks verzoeken van de Svb.
De Svb wees de aanvraag af wegens onvoldoende duidelijkheid over het vermogen van appellant. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat het eerdere besluit uit 2013 niet was aangevochten en daarom als juist moest worden beschouwd. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het eerdere onderzoek onzorgvuldig was en dat hij financieel moeilijk rond kon komen.
De Raad oordeelde dat de bewijslast voor bijstand bij appellant ligt en dat hij niet aan zijn inlichtingenplicht heeft voldaan door geen verkoopstukken te overleggen. Het eerdere besluit uit 2013 is onherroepelijk en stelt vast dat appellant de woning bezit. Appellant kon geen verifieerbare stukken overleggen en zijn ontkenning werd niet gevolgd. De Raad bevestigde daarom de afwijzing van de AIO-aanvulling en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De afwijzing van de AIO-aanvulling wordt bevestigd vanwege het ontbreken van bewijs van verkoop van de woning in Marokko.