ECLI:NL:CRVB:2018:1265
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding bij bijzondere bijstand dieetkosten
Appellant ontving op 9 maart 2016 een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam waarin bijzondere bijstand voor dieetkosten werd toegekend over de periode van 1 december 2015 tot en met 30 november 2016. Op 9 mei 2016 diende appellant bezwaar in tegen dit besluit, maar dit was na de wettelijke termijn van zes weken.
Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, omdat appellant geen verschoonbare omstandigheden had aangetoond. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn chronische aandoeningen hem verhinderden zijn administratie bij te houden, waardoor hij de termijn voor bezwaar niet had opgemerkt. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat deze omstandigheden onvoldoende waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Appellant had niet aannemelijk gemaakt dat hij niet, al dan niet met hulp, tijdig bezwaar kon maken.
De Raad bevestigde daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en verwierp het hoger beroep. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit tot toekenning van bijzondere bijstand is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding zonder verschoonbare omstandigheden.