ECLI:NL:CRVB:2018:1571
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding verhuis- en herinrichtingskosten wegens ontbreken medische noodzaak door psychische klachten
Appellante, erkend als burger-oorlogsslachtoffer op grond van psychische invaliditeit, verzocht om een vergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten vanwege verergering van haar klachten en noodzaak tot verhuizing naar een gelijkvloerse woning.
Verweerder wees dit verzoek af omdat de psychische klachten niet medisch noodzakelijk of medisch-sociaal wenselijk waren voor verhuizing en de rug- en knieklachten niet aan het oorlogsgeweld konden worden toegeschreven maar degeneratief van aard zijn.
De Raad volgde dit standpunt, stellende dat de medische gegevens geen verband tonen tussen de fysieke klachten en oorlogsgeweld en dat de verhuizing noodzakelijk was door niet-causale knieklachten. De vergoeding werd daarom terecht geweigerd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de vergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten wordt niet toegekend.