Uitspraak
17.3955 PW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
deze uitspraak;
van in totaal € 170,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellanten ontvingen bijstand die later werd omgezet in een geldlening vanwege een aanspraak op een erfenis. Het college vorderde het bedrag van €4.930,99 terug omdat appellanten een erfenis hadden ontvangen, waarover beslag lag. Appellant stuurde een e-mail waarin hij het besluit ontving en aangaf met rust gelaten te willen worden totdat de erfenis vrijkomt.
Het college verklaarde het bezwaar tegen de terugvordering niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, omdat het e-mailbericht volgens hen geen bezwaar inhield. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep dat het e-mailbericht wel degelijk als bezwaar moet worden gezien, omdat appellant duidelijk maakte dat hij niet kon terugbetalen zolang beslag op de erfenis lag.
De Raad oordeelde dat het college het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaarde en vernietigde het besluit. Het college wordt opgedragen het bezwaar inhoudelijk te behandelen. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten van appellanten.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de terugvordering bijstand is tijdig ingediend en het college heeft het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard.