ECLI:NL:CRVB:2018:2338
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Incidenteel hoger beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
In deze zaak heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam incidenteel hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. De gronden van het hoger beroep zijn op 9 januari 2018 aan appellant toegezonden. Het incidenteel hogerberoepschrift is echter pas op 28 februari 2018 ontvangen, wat betekent dat het niet binnen de wettelijke termijn van zes weken is ingediend.
De Centrale Raad van Beroep heeft appellant bij brief van 7 mei 2018 verzocht om een verklaring voor de termijnoverschrijding, maar hierop is niet gereageerd. Gezien het ontbreken van een redelijke verklaring en het feit dat de termijnoverschrijding evident is, oordeelt de Raad dat het incidenteel hoger beroep niet-ontvankelijk is.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder verder onderzoek en uitgesproken in het openbaar op 31 juli 2018 door E.C.R. Schut, in aanwezigheid van griffier L.R. Carlier.
Uitkomst: Het incidenteel hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening.