Uitspraak
18.37 MAW, 18/38 MAW, 18/1170 MAW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het beroep tegen het besluit van 24 april 2017 ongegrond;
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor het overige.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was sinds 2009 militair reservist en werd in 2015 niet meer opgeroepen wegens verontrustende gedragingen die een onveilige werksituatie veroorzaakten. Na onderzoeken en rapportages concludeerde een commissie dat appellant ongeschikt was voor zijn functie. De staatssecretaris verleende daarop ontslag per 1 mei 2017 op grond van artikel 39, vijfde lid, van het AMAR.
De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen het niet-oproepen van appellant ongegrond, maar vernietigde het ontslagbesluit wegens een motiveringsgebrek. De staatssecretaris stelde in incidenteel hoger beroep dat het ontslagrechtmatig was. De Raad oordeelde dat de staatssecretaris in beginsel vrij is om reservisten niet op te roepen en dat ook op grond van artikel 39, vijfde lid, AMAR ontslag gerechtvaardigd is wanneer voortzetting van de dienstverhouding niet langer nodig wordt geacht.
De Raad vernietigde het oordeel van de rechtbank over het ontslagbesluit en verklaarde het beroep tegen het ontslagbesluit ongegrond. Daarmee is het ontslag van appellant rechtsgeldig. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het ontslagbesluit wordt ongegrond verklaard, waarmee het ontslag rechtsgeldig is bevestigd.