ECLI:NL:CRVB:2018:3295
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen onbevoegdverklaring hoger beroep inzake incassokosten AWBZ ongegrond verklaard
De zaak betreft een verzetprocedure tegen een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 14 maart 2018, waarin de Raad zich onbevoegd verklaarde kennis te nemen van het hoger beroep van appellante tegen een civiel vonnis van de rechtbank Overijssel over incassokosten.
Appellante stelde dat de Raad wel bevoegd zou zijn, mede gelet op een lopende bestuursrechtelijke procedure bij de rechtbank Overijssel over aanspraken op zorgkosten uit de Wet langdurige zorg (Wlz) voor 2016 en 2017. De Raad oordeelde echter dat het civiele vonnis over incassokosten voor een eerdere periode (2010) losstaat van de bestuursrechtelijke aanspraken over latere jaren en dat het hoger beroep tegen het civiele vonnis bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden moet worden ingesteld.
De Raad concludeerde dat het verzet ongegrond is en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door H.C.P. Venema, in aanwezigheid van griffier C. Bon, op 19 oktober 2018.
Uitkomst: Het verzet tegen de onbevoegdverklaring van de Raad wordt ongegrond verklaard.