ECLI:NL:CRVB:2018:3512
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift wegens termijnoverschrijding Participatiewet
Bij besluit van 18 juli 2017 verklaarde de Sociale verzekeringsbank het bezwaarschrift tegen besluiten over terugvordering van bijstand niet-ontvankelijk vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
Appellanten voerden in hoger beroep aan dat de hoge leeftijd en ziekte van appellant, inclusief intensieve verzorging door appellante en zorg voor hun gehandicapte zoon, hen verhinderden tijdig bezwaar te maken. Tevens stelden zij dat de rechtbank ten onrechte geen matiging van de terugvordering toepaste.
De Raad oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Appellanten waren volgens de Raad in staat om tijdig bezwaar te maken, al dan niet met hulp van derden. Daarom was het bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk verklaard en werd het hoger beroep ongegrond verklaard.
De Raad zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling en kwam niet toe aan inhoudelijke beoordeling van de beroepsgronden of matiging van de terugvordering. De uitspraak werd in het openbaar uitgesproken en bevestigd de eerdere beslissing.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding; het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.