ECLI:NL:CRVB:2018:3841
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onduidelijke financiële situatie bevestigd
Appellant vroeg bijstand aan op grond van de Participatiewet, maar het college wees de aanvraag af vanwege onduidelijkheden over stortingen op zijn bankrekening, inkomsten uit arbeid en grote betalingen aan derden. Appellant kon niet aannemelijk maken dat de stortingen leningen waren, noch gaf hij verifieerbare gegevens over zijn werkzaamheden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant onvoldoende duidelijkheid had verschaft over zijn financiële situatie en dat het college terecht de aanvraag had afgewezen. Ook het beroep op het verbod van foltering werd verworpen omdat geen sprake was van schending van artikel 3 EVRM Pro.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd.