ECLI:NL:CRVB:2018:4067
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit individuele inkomenstoeslag zonder differentiatie naar leefvorm
Appellanten hebben een aanvraag ingediend voor een individuele inkomenstoeslag bij het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Het college kende hen een toeslag toe van €50,- op basis van de Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet Rotterdam 2016. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep stelden appellanten dat de toeslag onvoldoende gemotiveerd is ten opzichte van het armoedebeleid en dat het onredelijk is dat voor alle leefvormen dezelfde toeslag geldt, omdat bijvoorbeeld gezinnen met kinderen minder bestedingsruimte zouden hebben dan alleenstaanden.
De Raad verwijst naar eerdere uitspraken waarin is vastgesteld dat de wetgever geen minimum- of maximumhoogte van de toeslag heeft beoogd, noch differentiatie naar leefvorm. De Verordening is gemotiveerd vastgesteld en de keuze voor één toeslag is terughoudend getoetst en geaccepteerd.
De Raad ziet geen reden om anders te oordelen dan in de eerdere uitspraken en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot individuele inkomenstoeslag zonder differentiatie naar leefvorm.