ECLI:NL:CRVB:2018:4282
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- A. Stehouwer
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting zelfstandige
Appellant ontving bijstand voor levensonderhoud op grond van het Bijstandsbesluit Zelfstandigen (Bbz) nadat zijn bedrijf zich niet positief ontwikkelde. Het college vorderde de bijstand terug omdat appellant zijn bedrijfsactiviteiten niet binnen twaalf maanden had beëindigd en onvoldoende toelichting gaf op mutaties in de vermogenspositie van een stichting waarvan hij bestuurder was.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen de terugvordering gegrond en vernietigde het besluit, omdat het college een onjuist beoordelingskader hanteerde en onvoldoende bewijs had geleverd voor schending van de inlichtingenverplichting.
In hoger beroep onderzocht de Centrale Raad van Beroep of appellant voldoende informatie had verstrekt over de mutaties in de vermogenspositie van de stichting. Appellant gaf geen afdoende toelichting en leverde onvoldoende onderbouwing bij de verklaring van zijn boekhouder.
De Raad oordeelde dat het college terecht de terugvordering handhaafde vanwege het niet nakomen van de inlichtingenverplichting, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van bijstand wegens het niet nakomen van de inlichtingenverplichting.