Uitspraak
17.7296 ANW-PV
BESLISSING
DÉCISION
groupe d’assurés.
Centrale Raad van Beroep
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (Anw) nadat haar echtgenoot in 2014 overleed. De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees dit verzoek af omdat de echtgenoot niet verzekerd was voor de Anw op het moment van overlijden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat noch de Nederlandse wetgeving noch de Marokkaanse wetgeving voorzag in een Anw-verzekering voor de echtgenoot. Ook was niet gebleken dat hij deel had genomen aan een vrijwillige verzekering.
In hoger beroep voerde appellante haar slechte financiële situatie aan en verzocht zij om betaling van de premie voor de vrijwillige verzekering. De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank en wees het beroep af, stellende dat financiële omstandigheden geen grond vormen om af te wijken van de wettelijke bepalingen. Het verzoek tot vrijwillige verzekering werd verwezen naar een andere uitspraak.
De Raad bevestigde de afwijzing van de aanvraag en wees proceskosten af. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de nabestaandenuitkering bevestigd.