ECLI:NL:CRVB:2019:2628
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verzoek voorlopige voorziening wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld en verzocht om toepassing van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) voor het treffen van een voorlopige voorziening. De Raad heeft verzoeker meerdere malen gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €128,- binnen de gestelde termijnen.
Ondanks uitstel tot 30 april 2019 is het griffierecht niet voldaan. Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb leidt dit tot niet-ontvankelijkverklaring van het verzoek om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep heeft het verzoek dan ook niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 7 augustus 2019 door B.J. van de Griend.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.