ECLI:NL:CRVB:2019:31
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld en verzocht om toepassing van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) voor een voorlopige voorziening. De Centrale Raad van Beroep heeft verzoeker meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht binnen de gestelde termijnen.
Verzoeker heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan en daartoe een formulier ingevuld en ingediend. De Raad heeft een inkomensverklaring opgevraagd en beoordeeld, waarna is geconcludeerd dat verzoeker niet aan de criteria voor betalingsonmacht voldoet. Verzoeker is hierop gewezen en verzocht alsnog het griffierecht te voldoen.
Ondanks herhaalde aanmaningen en waarschuwingen is het griffierecht niet binnen de gestelde termijn betaald. De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening daarom niet-ontvankelijk, conform artikel 8:83, derde lid, van de Awb. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.