Uitspraak
17.4606 PW
21 juni 2017, 16/5351 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
1 juli 2015 toepassing gegeven aan de kostendelersnorm.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand vanaf augustus 2013, waarbij vanaf juli 2015 de kostendelersnorm werd toegepast. Na een melding van de bewindvoerder over inkomsten uit werkzaamheden vanaf januari 2015, stelde het dagelijks bestuur een onderzoek in dat leidde tot het intrekken van de bijstand en het opleggen van een boete.
Appellant maakte geen melding van de werkzaamheden en inkomsten aan het dagelijks bestuur, noch aan zijn bewindvoerder, die de inkomsten bij toeval ontdekte. Het dagelijks bestuur stelde de boete vast op €1.120,- uitgaande van normale verwijtbaarheid.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. Het beroep op verminderde verwijtbaarheid faalt omdat appellant niet aannemelijk maakte dat hij zijn bewindvoerder tijdig en volledig had geïnformeerd. De Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De boete van €1.120,- wegens niet gemelde werkzaamheden en inkomsten wordt bevestigd zonder vermindering wegens verwijtbaarheid.