Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het verzet gegrond;
- veroordeelt het college in de proceskosten van het verzet van appellant tot een bedrag van € 256,-.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam, maar dit werd door de Raad van 22 mei 2018 niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.
Appellant heeft vervolgens verzet ingesteld tegen deze beslissing. Uit het verzet bleek dat appellant binnen de gestelde termijn een verzoek om betalingsonmacht had ingediend en dit verzoek per fax aan het Landelijk Deskundigen Centrum Rechtsbijstand (LDCR) had verzonden, wat aantoonde dat appellant niet in verzuim was.
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet gegrond, vernietigt de uitspraak van 22 mei 2018 en besluit het onderzoek voort te zetten in de stand waarin het zich bevond. Tevens wordt het college veroordeeld tot betaling van de proceskosten van het verzet aan appellant.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard, de eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en het onderzoek wordt voortgezet.