ECLI:NL:CRVB:2019:3460
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen indicatiebesluit Wet langdurige zorg
Appellante was geïndiceerd voor zorgprofielen VG Wonen met begeleiding en verzorging en LVG Wonen met intensieve behandeling en begeleiding. Zij diende een bezwaarschrift in zonder de vereiste gronden van bezwaar. Het CIZ stelde haar in de gelegenheid deze gronden binnen vier weken aan te vullen, maar appellante maakte hier geen gebruik van.
Het bezwaar werd daarop niet-ontvankelijk verklaard door het CIZ, wat door de rechtbank werd bevestigd. Appellante stelde in hoger beroep dat het bezwaar onterecht niet-ontvankelijk was verklaard omdat het CIZ het bezwaar verkeerd had opgevat en haar geen herstelmogelijkheid had geboden.
De Raad oordeelde dat het bezwaar inderdaad niet voldeed aan de wettelijke eisen en dat het CIZ terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde, aangezien appellante de herstelmogelijkheid niet heeft benut. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep is ongegrond verklaard.