ECLI:NL:CRVB:2019:3608
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet inleveren inkomstenformulier
Appellante ontving wisselende alimentatie-inkomsten die op de bijstand werden verrekend. Het college trok de bijstand met ingang van 1 november 2017 in omdat appellante geen inkomstenformulier over die maand had ingeleverd, ondanks herhaalde verzoeken. Tevens werd een bedrag van €49,33 teruggevorderd dat in verband met een beslag aan een derde was uitbetaald.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellante niet voldeed aan haar inlichtingenverplichting en geen inzicht gaf in haar financiële situatie. Ook het terugstorten van de bijstand en het betwisten van de gang van zaken ontnam haar die verplichting niet.
In hoger beroep herhaalde appellante haar eerdere standpunten, maar slaagde er niet in nieuwe feiten of argumenten aan te voeren die het oordeel van de rechtbank konden weerleggen. De Raad bevestigde het oordeel dat de intrekking en terugvordering terecht zijn en wees het hoger beroep af.
Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstand worden bevestigd en het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard.