ECLI:NL:CRVB:2019:3649
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet-betaling griffierecht in hoger beroep sociale verzekeringszaak
Appellant heeft in hoger beroep een verzet ingesteld tegen een eerdere niet-ontvankelijkverklaring wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht. De Centrale Raad van Beroep heeft het verzet behandeld op 4 oktober 2019, waarbij partijen niet verschenen.
De Raad overweegt dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die het verzuim bij betaling van het griffierecht kunnen opheffen. In de financiële administratie van de Raad is geen betaling aangetroffen en appellant heeft de gestelde betaling niet met bewijsstukken onderbouwd.
Daarom verklaart de Centrale Raad van Beroep het verzet ongegrond. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter C.H. Bangma op 15 november 2019.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens het niet aantonen van betaling van het griffierecht.