ECLI:NL:CRVB:2019:3823
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens weigering medewerking huisbezoek
Appellante kreeg bijstand ingetrokken door het college van burgemeester en wethouders van Oss omdat zij niet meewerkte aan een huisbezoek op 4 augustus 2016. Het college twijfelde aan de juistheid van de door haar verstrekte gegevens over haar woon- en leefsituatie, mede op basis van verklaringen van buren en waarnemingen dat de woning leeg was.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat het college terecht een huisbezoek had bevolen en dat appellante niet had voldaan aan haar medewerkingsplicht. Ook het hoger beroep van appellante slaagde niet, omdat de Raad het oordeel van de rechtbank onderschreef dat het college voldoende had gemotiveerd en dat appellante terecht telefonisch werd bijgestaan door een tolk.
De Raad voegde toe dat het college geen toestemming hoefde te geven voor de aanwezigheid van de vriend van appellante tijdens het gesprek. Het hoger beroep werd verworpen en er werd geen proceskostenvergoeding toegewezen.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens weigering medewerking aan huisbezoek wordt bevestigd.