ECLI:NL:CRVB:2019:575
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek bijzondere bijstand wegens ontbreken nieuw feiten
Appellant had in december 2013 een aanvraag bijzondere bijstand ingediend voor reiskosten, tandartskosten en een bril, welke in januari 2014 door het college van burgemeester en wethouders van Nijkerk werd afgewezen. Het college stelde dat de kosten te lang geleden waren en dat er een voorliggende voorziening was voor de bril. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens verzocht appellant meerdere malen om terug te komen van het besluit, maar deze verzoeken werden afgewezen omdat er geen sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het laatste besluit ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij niet tijdig bezwaar had gemaakt vanwege onduidelijke informatie en gebrek aan rechtsbijstand, waarbij hij zich beroept op het gelijkheidsbeginsel (equality of arms). De Raad oordeelde echter dat deze omstandigheden geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden vormen, aangezien deze argumenten al in de bezwaarprocedure hadden kunnen worden ingebracht.
De Raad concludeerde dat het besluit van het college zorgvuldig en deugdelijk gemotiveerd was en niet evident onredelijk. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen van het besluit tot weigering van bijzondere bijstand wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.