ECLI:NL:CRVB:2019:817
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging arbeidsongeschiktheidsuitkering na zorgvuldige medische beoordeling WIA
Appellant, voormalig internationaal chauffeur, heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om zijn WGA-uitkering te beëindigen en hem een WGA-vervolguitkering toe te kennen op basis van 63% arbeidsongeschiktheid. Na een actueel medisch en arbeidskundig onderzoek, uitgevoerd door een Duits zusterorgaan en een verzekeringsarts van het UWV, zijn de beperkingen van appellant vastgesteld en vertaald in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
De rechtbank Amsterdam heeft het bezwaar van appellant ongegrond verklaard en geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat er geen reden was om de beperkingen te wijzigen. Appellant stelde in hoger beroep dat hij niet meer dan 4 tot 5 uur per dag kan werken en dat hij 60% arbeidsongeschikt is, maar leverde geen nieuwe medische informatie ter ondersteuning van dit standpunt.
De Centrale Raad van Beroep volgt de rechtbank in haar oordeel dat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig is geweest en dat de vastgestelde beperkingen juist zijn. Ook wordt bevestigd dat appellant geschikt is voor de door de arbeidsdeskundige geselecteerde functies. De aangevallen uitspraak wordt daarom bevestigd en het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant recht heeft op een WGA-vervolguitkering op basis van 63% arbeidsongeschiktheid en verklaart het beroep ongegrond.